Lage rugpijn

Lage rugpijn is pijn of stijfheid in het onderste deel van de rug. De klachten kunnen plotseling ontstaan, bijvoorbeeld na tillen, sporten of een verkeerde beweging, maar ook geleidelijk toenemen door langdurige of herhaalde belasting. Soms blijft de pijn plaatselijk, terwijl deze bij anderen uitstraalt naar de bil, heup of het been.

Veel lage rugpijn is aspecifiek: er is dan geen duidelijke beschadiging of aandoening aan te wijzen die de pijn volledig verklaart. Bij andere mensen is er wel een herkenbare oorzaak, zoals een hernia, artrose, overbelasting of een blessure.

Acupunctuur en Chinese kruidengeneeskunde kunnen worden ingezet bij zowel acute als langdurige rugklachten. De behandeling wordt afgestemd op de mogelijke oorzaak, het karakter van de pijn, de duur van de klachten en eventuele andere symptomen.

Westerse aandoeningen waarbij lage rugpijn kan voorkomen

Lage rugpijn is een symptoom en kan verschillende oorzaken hebben. Veelvoorkomende aandoeningen en diagnoses zijn:

Niet alle pijn die in de onderrug wordt gevoeld, ontstaat daadwerkelijk in de rug. Aandoeningen van bijvoorbeeld de nieren, urinewegen of organen in het bekken kunnen eveneens pijn naar dit gebied veroorzaken.

Mogelijke oorzaken

Lage rugpijn ontstaat vaak door een combinatie van belasting en belastbaarheid. Een verkeerde beweging, zwaar tillen, langdurig zitten, sport of herhaalde belasting kan klachten uitlokken. Ook verminderde kracht of conditie, eerdere blessures en onvoldoende herstel kunnen bijdragen aan het ontstaan of terugkeren van rugpijn.

Bij langdurige klachten kunnen veranderingen van tussenwervelschijven, gewrichten of andere structuren een rol spelen. Ook stress en langdurige spierspanning kunnen invloed hebben op de pijn en de manier waarop de rug wordt belast.

Welke behandeling passend is, hangt daarom niet alleen af van waar de pijn zit, maar ook van hoe de klachten zijn ontstaan en welke factoren ze blijven beïnvloeden.

Wat kan acupunctuur doen bij lage rugpijn?

Bij acupunctuur wordt gekeken naar de plaats en het karakter van de pijn, hoe de klachten zijn ontstaan en welke bewegingen of omstandigheden de pijn beïnvloeden. Ook uitstraling, spierspanning, stijfheid, beweeglijkheid en belastbaarheid worden meegenomen. De behandeling kan tijdens het herstel worden aangepast.

Acupunctuur kan onder andere gericht zijn op:

Ook bij acute lage rugpijn kan acupunctuur vroeg in het herstel worden ingezet om pijn en spierspanning te verminderen en normale beweging te ondersteunen.

Afhankelijk van de oorzaak kan acupunctuur worden gecombineerd met bijvoorbeeld fysiotherapie, oefentherapie, osteopathie, chiropractie of een gerichte opbouw van kracht en belastbaarheid.

Wat kan Chinese kruidengeneeskunde doen bij lage rugpijn?

Chinese kruiden kunnen als aanvulling op acupunctuur worden gebruikt, vooral wanneer rugpijn langdurig aanwezig is, regelmatig terugkeert of onderdeel is van een breder klachtenbeeld. Omdat kruiden dagelijks worden ingenomen, kunnen ze ook tussen de acupunctuurbehandelingen door ondersteuning bieden.

Afhankelijk van het onderliggende patroon kan Chinese kruidengeneeskunde gericht zijn op:

De samenstelling wordt afgestemd op uw klachten en algemene gezondheid en kan gedurende het behandeltraject worden aangepast. Kruiden zijn niet bij iedere vorm van lage rugpijn nodig; bij een voornamelijk lokale of mechanische klacht kan de nadruk bijvoorbeeld liggen op acupunctuur, beweging en gerichte oefeningen.

Hoe kijkt de Chinese geneeskunde naar lage rugpijn?

Binnen de westerse geneeskunde wordt gekeken welke structuren of aandoeningen de rugpijn kunnen verklaren, zoals spieren, gewrichten, tussenwervelschijven of zenuwen. De traditionele Chinese geneeskunde (TCM) kijkt daarnaast naar het karakter van de pijn en naar de omstandigheden waardoor de klacht is ontstaan of blijft bestaan.

Bij pijnklachten staan vooral de meridianen en de doorstroming van Qi en Bloed centraal. Meridianen worden binnen TCM gezien als verbindingen door het lichaam waarlangs Qi en Bloed circuleren. Verschillende meridianen lopen over de onderrug, billen en benen. De precieze plaats van de pijn en eventuele uitstraling kunnen daarom mede bepalen welke meridianen tijdens de behandeling aandacht krijgen.

Een belangrijk uitgangspunt binnen TCM is dat pijn ontstaat wanneer de vrije doorstroming in een gebied wordt belemmerd. Na overbelasting kan deze verstoring relatief mild zijn, terwijl na een blessure of bij langdurige klachten een sterkere plaatselijke stagnatie kan ontstaan. Kou en vocht kunnen volgens TCM eveneens de beweging rond spieren en gewrichten belemmeren. Bij andere mensen kan juist langdurige spanning een belangrijke rol spelen.

Bij chronische of regelmatig terugkerende lage rugpijn wordt daarnaast gekeken naar het Nier-orgaansysteem. Met een TCM-orgaansysteem wordt niet alleen het anatomische orgaan bedoeld, maar een verzameling lichaamsfuncties en onderlinge relaties. Het Nier-orgaansysteem wordt binnen TCM onder andere verbonden met de kracht en belastbaarheid van de onderrug en met de ondersteuning van botten.

Een herkenbare combinatie van dergelijke kenmerken wordt een TCM-patroon genoemd. Twee mensen met dezelfde westerse diagnose, bijvoorbeeld een hernia, kunnen daardoor verschillende patronen hebben en anders worden behandeld.

Hieronder worden alleen de meest voorkomende patronen besproken. Andere patronen zijn mogelijk en meerdere patronen kunnen tegelijkertijd voorkomen. Niet iedereen met hetzelfde patroon heeft alle genoemde symptomen. Het patroon wordt vastgesteld op basis van het totaalbeeld van uw klachten.

Wat is een meridiaan?

Wat is een TCM-orgaansysteem?

Wat is een TCM-patroon?

Meest voorkomende TCM-patronen bij lage rugpijn

Qi- en Bloedstagnatie

Bij Qi- en Bloedstagnatie is de lokale doorstroming in de onderrug belemmerd. Dit komt vaak voor na overbelasting, een verkeerde beweging of wanneer bepaalde bewegingen steeds opnieuw dezelfde pijn uitlokken.

Veel voorkomende symptomen: plaatselijke rugpijn, spanning of stijfheid, drukgevoeligheid en klachten die toenemen bij bepaalde bewegingen of belasting. De pijn kan naar de bil of het been uitstralen.

Voorbeelden van westerse aandoeningen: spit, aspecifieke lage rugpijn, spier- en bandklachten, SI-gewrichtsklachten en sommige vormen van zenuwirritatie.

Bloedstase

Bij Bloedstase is de plaatselijke stagnatie sterker en meestal hardnekkiger. Dit patroon kan ontstaan na een val, ongeval of andere blessure, maar ook wanneer lokale rugpijn lange tijd blijft bestaan.

Veel voorkomende symptomen: scherpe of stekende pijn, een duidelijk afgebakende pijnplek, sterke gevoeligheid bij druk en beperkte beweging. De pijn kan ook in rust aanwezig zijn en 's nachts sterker worden.

Voorbeelden van westerse aandoeningen: rugklachten na trauma of operatie, langdurige lokale rugpijn en sommige chronische SI- of facetgewrichtsklachten.

Koude-Damp

Volgens TCM kunnen kou en vocht de vrije beweging in spieren en gewrichten belemmeren. Dit patroon past vooral bij rugpijn waarbij temperatuur en weersomstandigheden duidelijk invloed hebben op de klachten.

Veel voorkomende symptomen: doffe of zware pijn, stijfheid, een zwaar gevoel in de onderrug, verergering door koud of vochtig weer en verbetering door warmte en rustig bewegen.

Voorbeelden van westerse aandoeningen: aspecifieke lage rugpijn, artrose en verschillende langdurige spier- en gewrichtsklachten waarbij kou en stijfheid een duidelijke rol spelen.

Damp-Hitte

Bij Damp-Hitte staat een warm, zwaar of geïrriteerd beeld op de voorgrond. Dit patroon is minder algemeen dan lokale stagnatie of Koude-Damp en wordt vooral overwogen wanneer duidelijke warmteverschijnselen of andere bijpassende klachten aanwezig zijn.

Veel voorkomende symptomen: zware of branderige pijn, een warmtegevoel in de onderrug en soms andere tekenen van warmte of ontsteking. Wanneer ook het onderste deel van het lichaam betrokken is, kunnen bijvoorbeeld branderig of frequent plassen en bekkenklachten voorkomen.

Voorbeelden van westerse aandoeningen: sommige inflammatoire rugklachten en rugpijn die samengaat met aandoeningen van de urinewegen of het bekken.

Lever Qi-stagnatie

Bij Lever Qi-stagnatie verloopt de beweging van Qi volgens TCM minder soepel. Dit patroon past vooral wanneer stress, emotionele belasting en langdurige spierspanning duidelijk invloed hebben op de rugklachten.

Veel voorkomende symptomen: gespannen spieren, zeurende of wisselende rugpijn, klachten die toenemen tijdens perioden van stress en vaak ook spanning in bijvoorbeeld nek, schouders of kaak. Beweging of ontspanning kan verlichting geven.

Voorbeelden van westerse aandoeningen: aspecifieke lage rugpijn, myofasciale pijn en terugkerende rugklachten waarbij spierspanning en stress een duidelijke rol spelen.

Nierdeficiëntie

Binnen TCM wordt het Nier-orgaansysteem onder andere verbonden met de kracht en belastbaarheid van de onderrug en met de ondersteuning van botten. Dit patroon wordt vooral gezien bij langdurige of terugkerende rugklachten waarbij de rug eerder zwak en vermoeid dan acuut scherp pijnlijk aanvoelt.

Veel voorkomende symptomen: chronische zeurende rugpijn, een zwak of vermoeid gevoel in de onderrug, klachten die toenemen na langdurige inspanning en verbetering door rust. Afhankelijk van het specifieke patroon kunnen daarnaast bijvoorbeeld koudegevoelens of juist warmte en droogte voorkomen.

Voorbeelden van westerse aandoeningen: chronische lage rugpijn, degeneratieve veranderingen van de wervelkolom, artrose en rugklachten waarbij verminderde belastbaarheid op de voorgrond staat.

Prognose

Hoe snel lage rugpijn verbetert, hangt af van de oorzaak, de duur en ernst van de klachten en de algemene belastbaarheid. Acute lage rugpijn heeft vaak een gunstig natuurlijk verloop en kan sneller herstellen dan klachten die al maanden of jaren aanwezig zijn.

In de beginfase wordt vaak ongeveer één keer per week behandeld. Bij acute of hevige klachten kan tijdelijk twee tot drie keer per week behandelen passend zijn. Wanneer de pijn afneemt en bewegen gemakkelijker wordt, kan de frequentie meestal worden afgebouwd. Dit zijn richtlijnen; het behandelverloop wordt afgestemd op uw situatie.

Bij langdurige of terugkerende rugpijn is een bredere aanpak vaak belangrijk. Regelmatig bewegen en gerichte oefeningen voor kracht, mobiliteit en belastbaarheid kunnen bijdragen aan herstel. Afhankelijk van de oorzaak kan acupunctuur worden gecombineerd met bijvoorbeeld fysiotherapie, oefentherapie, osteopathie of chiropractie.

Wanneer is medisch onderzoek belangrijk?

De meeste lage rugpijn heeft geen ernstige oorzaak. Sommige symptomen vragen echter om snelle medische beoordeling.

Neem contact op met een arts bij plotseling of toenemend krachtsverlies in één of beide benen, gevoelloosheid rond het zitvlak of de geslachtsorganen of nieuwe problemen met plassen of ontlasting. Ook koorts in combinatie met rugpijn, onverklaard gewichtsverlies, hevige pijn na een ongeval of nieuwe rugpijn bij iemand met een relevante medische voorgeschiedenis kan reden zijn voor verder onderzoek.

Ook wanneer nieuwe of onverklaarde rugpijn snel verergert of niet volgens verwachting verbetert, is het verstandig om de oorzaak medisch te laten beoordelen.

Contact

Heeft u last van lage rugpijn en wilt u weten of acupunctuur iets voor u kan betekenen?

Tijdens een eerste consult bespreken we uitgebreid uw klachten, medische voorgeschiedenis en eventuele onderliggende factoren. Op basis daarvan wordt een behandelplan opgesteld dat aansluit bij uw situatie.

U kunt direct online een afspraak maken of contact opnemen voor meer informatie.

Meer lezen